Update afkicken!(6)

Jeetje! Genoeg te vertellen hoor?! En niet alleen de naar citroentjes ruikende ervaringen, maar ook de bagger en narigheid. Ik ben mezelf nogal tegen gekomen. En nog! Nog loop ik dagelijks met m’n kop tegen de muur. Maar laat ik bij het begin beginnen.

Toen we drie weken geleden op vakantie gingen was ik enigszins onzeker over mijzelf en eventueel vermijdingsgedrag, maar ondanks dat zag ik het positief in. Zat op een pil om de dag en het begon net in te zakken. Geen afkickverschijnselen op dag twee zeg maar. Om die reden ging ik tijdens de vakantie al vrij vlot over op een pil om de twee dagen. En daar deed ik het fijn op. Dag drie vaak wauzie en shaky, maar daar was in de avond weer een dosering en Kaatje kon er weer twee dagen tegenaan. Rond de laatste week van de vakantie was ook dag drie beter te doen. Dus rond de terugreis besloot ik te stoppen. Op die dag 3 dus. Ik hoefde alleen maar in de auto te zitten en niets te doen, dus goed moment.

Een stapje terug. In de vakantie voelde ik me psychisch best oké. Ik liet me niet van het padje brengen en ging niets uit de weg. Mijn gevoel zit en zat wel meer aan de top wat zich bijvoorbeeld uitte door piekeren over aardse zaken, maar ook het lastiger wegzetten van de problemen rondom zwerfdieren. Ik gooide overal hondenbrokken neer, zelfs voor de mussen als ze bij me in de buurt kwamen. Misschien kon dat iets minder, maar verder was ik tevreden over de afbouw met bijkomende zaken en emoties.

Maar dan! En nu zou je bij een docu op tv zo’n lugubere tune horen waardoor je weet; òhowh….er komt nu iets naars. Na zo’n afbouwmoment van drie dagen stonden we op het punt aan de terugreis te beginnen en het leek me een goed idee om de laatste loodjes in één stuk lood te doen. Ik stopte. In de wetenschap dat ik op de bijrijdersstoel niets hoef te doen en er niets van me verwacht wordt. Dat was ook zo! Maar ik kon mij niet voorbereiden op de lichamelijke slag die er kwam. Hondsberoerd met kortsluiting in m’n hoofd kom ik de dagen door. Geen zin in eten, continue misselijk en duizelig, ik word er ook nog eens heel onzeker van. Daar waar ik eerder weer een pil kon nemen om een pauze in te lassen voor dit gevoel, sta ik nu iedere ochtend op in de hoop dat het weg is. Een kleine beweging van m’n hoofd is al voldoende om weer teleurgesteld te zijn. Dat is tot op vandaag nog zo. Er zit geen verbetering in en ik moet het maar ondergaan. Zoals bij mij de opbouw een hel was van twee weken, zal de afbouw ook best twee weken kunnen duren. Inmiddels een week er op zitten.

Goed klaar mee, maar het is niet anders. Er zijn ergere dingen. En die ondervind ik ook in m’n naaste omgeving. Ik heb het gevoel dat ik flink op de proef wordt gesteld maar ik zet door. Ik schrijf dus ook met een ongeconcentreerd gevoel vind de blog onsamenhangend. Maar het is wat het is. Binnenkort meer….

*Er ook bewust voor gekozen tijdens de vakantie m’n slechte momenten niet te delen. Zelfs niet op de terugweg. Wat een beroerde reis…;)

Mijn site is jarig!

Tien jaar bloggen, tien jaar social media en tien jaar lief en leed delen!

Toen ik tien jaar geleden begon was niet alleen mijn leven anders, ook bloggers waren in opkomst. Je kon je bij diverse sites aanmelden voor een eigen blogpagina en je bezocht elkaar dagelijks. Eigenlijk de ouderwetse vorm van je dagelijkse leven vloggen. Met volgers. Ik schreef voornamelijk over m’n straatvrees en alles wat daarbij komt kijken. Om die reden verscheen mijn verhaal in een boek; Verhalen van de straat, en maakte ik mijn eerste ‘wereldreis’ sinds lange tijd naar Utrecht voor de boekpresentatie. Ook verscheen er een interview over mijn blog in het DvhN en mijn site groeide enorm. Veel lezers. Voor mij veel druk. Achteraf jammer, maar dat kon ik niet aan. Ik lastte een pauze in en zag de teller op de site dalen. Opluchting. Vreemd hè? Dat dat zo werkt. In die pauze werd mijn site gehackt. Inmiddels onder een eigen domeinnaam bij een goed bedrijf. Wat ze ook probeerden. Alles weg. Foetsie! Dat vond ik enorm jammer. Ga ik stoppen of door. Ik ging door.

Ik probeerde blogs te schrijven om het verloren materiaal in te halen maar dat is niet mogelijk. Je schrijft het niet meer vanuit die emotie. Ook gooide ik hobbyblogs op de site en plaatste Ro vakantieblogs op de pagina. De identiteit was weg. Toen ik weer begon met het delen van dagelijkse beslommeringen kwamen er lezers terug. Heel veel zelfs. Ik zag in de statistieken dat er vanuit alle hoeken van het land lezers op mijn site terecht komen. Ook via Google waar mijn site na al die jaren wat hoger gewaardeerd wordt. Ook door de unieke naam natuurlijk. Probeer nu maar eens een dot com aan te vragen met de naam die je wilt.

Sinds enige tijd zet ik een aantal blogs op FB. Het was een klapper op m’n anonimiteit, want veel FBvrienden kennen je natuurlijk echt. Daarvoor had ik vaste lezers die je gewoon wisten te vinden. Nu ‘verkoop’ ik mezelf en dat is alles behalve anoniem. In het begin werkte ik met profielfoto’s waarop ik onherkenbaar was, ook dat is niet meer.

Voor velen misschien onvoorstelbaar, maar het is een deel van m’n leven. Alles open gooien en delen. Het maakt me niets meer uit wie het leest en hoe het gelezen wordt. Ik hoop altijd dat er iets in staat waar een ander ook iets aan heeft. Zo heb ik privé enorm veel reacties gehad op de serie; Puberaal, die ik samen met Angz schreef. We zeiden laatst dat we daar misschien een deel aan toe moeten voegen. Hoe het nu met haar gaat.

Anyway! Tien jaar jongens. Tien jaar lief en leed. En ik ben van plan gewoon door te gaan. Of jullie nou lezen of niet, het helpt mezelf vaak ook.

Ik geef een cadeautje weg om het te vieren. Niet om meer lezers te krijgen, stel je voor dat ik het weer Spaans benauwd krijg en de stekker eruit trek. Maar gewoon omdat ik het leuk vindt.

Bedankt voor het lezen! Jullie!

*Een update over de afbouw is onderweg. Veel te vertellen.

Komt een vrouw bij de dokter (5)

Er is weer veel veranderd. Vorige week ging ik naar de dokter om het proces door te spreken. Als je zelf in de psychiatrie werkt en met een huisarts spreekt merk je het verschil in benadering. Ik heb het over vechten en angsten, hij reageert met medicatie. Gesprekken over de achterliggende problemen zijn waarschijnlijk voor de psycholoog.

Maar goed, zijn advies is om toch over te gaan op een pil om de dag, desnoods cold turkey en meteen stoppen. Voor de bijkomende angstaanvallen die misschien kunnen ontstaan krijg ik dan oxazepam. Ik zeg meteen dat ik geen pammetjes in m’n lijf wil. Dat zou een zeer slechte en verslavende vervanger zijn. Begrijp me niet verkeerd, voor veel zijn de pammetjes in alle soorten en maten een uitkomst, niet voor mij. Ik wil het niet. Ik besluit naar mezelf te luisteren en m’n eigen tempo te gaan bepalen. Dat betekend, de tijd nemen. Mijn lichaam en geest de tijd geven om te wennen aan de ‘nieuwe’ situatie. Met mezelf in gesprek blijven en luisteren naar de signalen. En het werkt.

Ik begin mezelf een leuk experiment te vinden. Waar doe ik het goed op en wat niet. Inmiddels neem ik om de dag een pil en heb op het werk dus medicatieloze dagen. Dat zeg ik bij aanvang van m’n dienst en mijn collega’s passen zich moeiteloos aan. Ze hebben dan te maken met een chaoot zonder concentratie en een tikkeltje onhandig. Gelukkig kan ik nog steeds heel goed luisteren en kletsen met de clienten op die dagen. Ik voel me daar gewoon goed. Ik hou van m’n werk.

Hoe grappig een onhandige Ka ook is, ik ontdekte nog iets. Ik begin een emotionele muts te worden. Alles komt meer binnen en ik maakte sinds jaren weer eens een echte huilbui mee. Er was wel degelijk een aanleiding maar ik weet zeker dat ik dit een tijd terug makkelijker had weggezet. Daar zat ik, in m’n eentje m’n tranen weg te vegen tot er een glimlach verscheen. Ik vond het fijn. Hoe onprettig de aanleiding ook was. Toen ik gisteren ook nog eens met een brok in m’n keel zat toen een client in tranen tegenover me zat wist ik het zeker. Dit gaat vaker gebeuren. Ga maar vast zakdoekjes kopen Ka! En weet je. Ik voel me er goed bij.

De medicatieloze dagen beginnen te wennen en mijn gevoel is niet beangstigend. Eerder bevrijdend. Neemt niet weg dat ik nog steeds onzeker ben over mijn zelfcontrole, maar ik hoef niet altijd een grote meid te zijn. Ik mag dingen ook best spannend vinden. Dus….

Eerst een paar weken op vakantie. Voornemens om daar toch even door te pakken met de afbouw, maar luisterend naar mezelf. Gaat het te snel, dan de rem erop. Dus dat! Best oké toch?

Tot over een tijdje.

Blij vs onzeker (4)

Nou, wat zal ik zeggen. Up’s en down’s. Kalme dagen worden afgewisseld met dagen waarin ik me gejaagd en gestresst voel. Ik probeer dan echt te bedenken hoe dat precies zit. Er zijn twee dagen geweest waarin ik me zo slecht voelde dat ik me echt afvroeg waarom ik gestopt ben. Het is gewoon jammer dat er bij minder inname verschijnselen optreden waarbij je je niet lekker voelt. Daardoor verwar ik dat ook met terugval. En dan terugval in de zin van angstiger. Meer nadenken en daardoor angstig worden. Het ligt ook iets meer aan de oppervlakte. Ik merk echt dat emoties meer binnenkomen. En ook die conclusie trek ik pas op het moment dat ik het zeker weet.

Afgelopen weekend stapte ik uit mezelf over naar nog een halvering. Of eigenlijk 1 pil in twee dagen in plaats van dagelijks. Daardoor voel ik me op de dagen dat ik niets neem echt niet fijn. Lichamelijk ben ik dan zwak. Alsof ik niet gegeten heb en je lichaam shaky wordt. Duizelingen en ongeconcentreerd. Als ik dan weer een pil heb gehad is dat weer weg. Maar deze week hoefde ik niet te werken en de timing leek mij geschikt. Ik wil nu eigenlijk naar de volgende stap maar zie op tegen de bijwerkingen. Je functioneert echt op halve kracht. Niet fijn.

Maar goed, het is nu ook tijd om de dokter te bellen. De pillen zijn bijna op. Even luisteren naar wat hij te zeggen heeft. Ik blijf onverminderd gemotiveerd om te stoppen. Ik wil echt niet meer. Dus ik moet hier toch doorheen. Ik denk zelf dat net als bij opbouw, bij afbouw de klachten eerst weer wat aantrekken. Ik denk dat dat het geval is. En mede de oorzaak van het niet slagen van dit soort pogingen. Je wilt gewoon zo snel mogelijk terug naar het vertrouwde, zorgeloze gevoel. Maar ik zet door.

Kortom. Dagen die heerlijk relaxed aanvoelen en dagen die zo snel mogelijk voorbij mogen zijn. Voor mij nog steeds teveel goede momenten om te zeggen dat ’t het niet waard is.

In mijn hoofd (3)

Tja, het gaat best goed eigenlijk. De bijwerkingen van het 'afkicken' waren na een week ineens verdwenen. Weet wel dat ik gehalveerd heb en nog steeds iets binnen krijg. Dat maakt het lastig. Ik wil wel sneller. Nieuwsgierig naar mezelf. Tegelijkertijd ben ik me bewust van alle angstscheutjes in m'n lichaam.

Een ochtend die na het opstaan iets minder rustig voelt dan normaal wordt onder de loep genomen. Had ik dit een half jaar geleden ook wel eens? Wat kan de reden zijn? Toch overheerst het gevoel van willen en kunnen. Ik blijf er op dit punt bij dat ik mezelf niet voor kan stellen als angstig en gestrest. Dat voelt echt als een eeuw geleden. Gesprekken leveren een beeld van mezelf op door de ogen van anderen. Waarom juist ik dit moet kunnen. Ik lijk een sterke vrouw. Doelgericht en een doorzetter. Dit komt herhaaldelijk terug en ik luister ernaar alsof het niet over mezelf gaat. Door hoe ik ben geweest en wat ik heb gevoeld, heb ik mezelf altijd in de schaduw gehouden. Een sterke vrouw zijn is iets wat hoorde bij mijn vorige herstel. Een soort alter ego. Dat moest ik gewoon kunnen. Alles moest ik aangaan. Doordat ik dit opschrijf realiseer ik me weer dat ik nog steeds in de veronderstelling ben dat het me overkomen is allemaal. Niet door mezelf, maar door die pil. En daar baal ik van. Ik moet nu toch echt zelf gaan geloven dat ik dat ben. Met een duwtje mezelf weer heb terug gevonden en nu gereset ben naar m'n eigen zelf. En dit inzicht komt voornamelijk door erover te praten. Mijn grootste winst tot nu toe.
Transparant zijn.

Na elk gesprek denk ik; dit ga jij doen. Dit kan jij. En voel ik me goed. Dus het gaat niet zonder slag of stoot maar is een proces wat zich voornamelijk in mijn hoofd afspeelt. En ik weet dat dat erbij hoort.

Hallo!(2)


Een update van mijn afbouw. Kan me voorstellen dat er mensen zijn die het proces interessant vinden om te volgen. Ook voor zichzelf. Er zijn zoveel mensen die medicatie gebruiken. Dat zal je nog verbazen. Maar goed.

Vandaag bijna een week aan het halveren. Nou, nou. Halverwege de dag is dat ding al aan het afbouwen en begin ik de afkickverschijnselen te voelen. Dizzy, tintelingen in vingers en voeten. Concentratieverlies en druk. Veel
Praten. En dat kon ik sowieso al goed. Snel ook. Pffff, word moe van mezelf. Maar zoals altijd verdraag ik lichamelijke ongemakken als de beste. Van m'n moeder geërfd. However. De angst voor terugval is groot. Als ik eraan denk word ik heel onzeker en lichtelijk gespannen. Het voordeel is dat ik me niet kan voorstellen dat ik op retour ga. Ik vind dat ik ben wie ik nu ben. Dat is zo gek. Hoezo ga ik ineens veranderen, ik ben dit toch? Gewoon relaxed en tevreden? Wat of wie kan daar verandering in brengen. Duh! Onmogelijk! Kssssst!

Maar goed, angst kan zo nu en dan de overhand krijgen. Dan geloof ik niet in mezelf. Alleen in die ellendige pil. Dat is het grootste verschil met vorige week. Je begint ergens aan en kan niet in de toekomst kijken. Verder voel ik me prima eigenlijk. Niets veranderd. Al hebben een aantal collega's er veel plezier in om mij in ontspannen situaties te wijzen op de pillen. 'Ka, neem jij maar weer een pil want…..' En ik vind dat fijn. Heerlijk transparant. Zoals ik ben.

Een ‘like’ please?


Je kent het vast. Er komt iemand langs, op visite of gewoon iets brengen en je hebt het geluk dat je weet wanneer. (Ik ben niet zo van onverwacht.) Op de één of andere manier slaat er dan een gen van mij op hol. M'n huis ziet er niet uit. En dat is een overstatement, lees: Overstatement. Want ik was er zelf tevreden mee. Maar als er mensen over de vloer komen valt er niets meer binnen het toelaatbare. M'n hele leven lijd ik al aan deze 'aandoening' en ik word er soms zo moe van. Waarom? Waarom moet ik op de voorpagina van VT wonen kunnen staan met m'n huis. Waarom moet alles perfect. Alsof ik binnen deze vier muren elke dag met een potje thee, een tijdschrift en kaarsje aan op de bank zit te ontladen. Met op de salontafel de nieuwste Flow. Dat ook nog.

Het is niet zo. De werkelijkheid is dat er overal wat ligt, dat iedereen z'n spullen van zich af laat vallen bij de eerste stappen in huis. Dat ik altijd wel vlekjes op de wc zie die weggepoetst moeten worden. Een aanrecht vol afwas omdat de vaatwasser nog leeg moet. Onopgevouwen was omdat ik snel, snel een paar wasjes draai op een moment dat ik weinig tijd heb. Kattedrolletjes in de kattenbak, oud papier wat ligt te wachten om naar de schuur gebracht te worden. En katten met plukken haar van de hond in de snorharen omdat ik de transfer van winter naar zomervacht niet bij kan benen.

En toch! Toch werk ik dit in No-time weg als er iemand langs komt. Zo snel kan ik nooit, maar dan ben ik niet te stoppen.

Zeg alsjeblieft dat je het herkend? Het zal me goed doen.

Ik ga het doen….(1)


Vandaag ging ik naar de dokter. Ik wil een hoofdstuk in m'n leven proberen af te sluiten. En eerlijk, ik vind het doodeng.

Het lijkt een eeuw geleden. Het moment dat ik de straat ging vermijden en mezelf opsloot. Het is in werkelijkheid een decennia. Tenminste, toen besloot ik dat het genoeg was. Daar gingen jaren aan vooraf die op dit moment zeer ver van mijn dagelijkse werkelijkheid afstaan. Ik kan me met moeite voorstellen hoe ik heb geleefd. Hoe ver ik het heb laten komen. Angst regeerde.

Maar nu. Ben ik werkelijk een ander persoon? Of anders gezegd, mezelf. Is alle angst verdwenen of is het verstopt. Weggedrukt door de dagelijkse medicatie die ik slik. Nog steeds elke dag. Ik moet bekennen dat ik daar niet zeker van ben. Het is de enige angst die is blijven bestaan. Mijn hele bestaan van de afgelopen jaren heb ik opgebouwd in de wetenschap dat een pil mijn leven veranderde. Daar heb ik me aan vast gehouden. Waarschijnlijk onterecht. Maar toch. Ik mocht die pil ook blijven gebruiken, m'n leven lang, zolang als ik hem nodig had. Nu is daar een onzichtbare lijn. Wie ben ik zonder die pil? Ik weet nog zo goed wie ik was.

Ik die bij alle veranderingen in haar dagelijkse leven een paniekaanval kreeg. Nachten lang rechtop in bed zat tot het licht werd. Dan kon ik rustig slapen. Het is dag. Je moet niet meer slapen, je mag. Een wereld van verschil. Alle deuren die achter je sluiten, letterlijk, zijn angstig. Wordt de deur op slot gedaan of kan ik erweer uit. Elke seconde van de dag is angstig en onveilig. Er heerst een gevoel van stress wat nooit weggaat. Behalve als je slaapt. En het half uur daarna, nog rozig van het slapen. Dan begin je weer opnieuw. Een nieuwe dag. Zenuwen in je buik. Gaat vandaag een beetje rustig voorbij? Om in elk geval te voorkomen dat angst overgaat in paniek blijf je binnen. Alles onder controle. Zoals ik het wil. Rust. De dag dat ik niet meer kon eten van de stress, die stress die er gewoon is, die bij je leven hoort, besloot ik dat ik niet meer kon. Of ik gooi mezelf van de wereld of ik zoek een andere uitweg. Het werd die pil.

En daar ging ik. Vleugels. Niet te stoppen. Grenzeloos. En dat is vandaag nog zo.

Morgen begin ik met afbouwen. Ik ben bang. Bang voor mezelf. Praat tegen mezelf. Dat ik nooit meer word zoals ik was. Dat ik achter die pil gegroeid ben en in staat m'n geluk voort te zetten. Maar wat kost het me een moeite om het te geloven. Die angst bleef. En is er nog. Maar ik ga het aan. Wil heel graag. Dat moet toch voldoende zijn? Vasthouden aan wat ik heb opgebouwd en wie ik nu ben. Heb vertrouwen Kaatje, in jezelf. Pls!

Dagje varen


Ik vind het wel wat hoor?! Ro gek op bootjes en varen. Mij met de paplepel ingegoten, maar ik vind het alleen leuk als ik aan boord ben. Alles er omheen is spannend. Nu hebben we natuurlijk ook niet de meest stabiele bootjes als je afhankelijk bent van huur. Maar ergens zeer ontspannen en ervaren aanmeren is soms lachwekkend. Ook al het vaarverkeer om ons heen, “Ro let je op er komt…..” pas als we weer aan de terugtocht beginnen manoeuvreer ik door het bootje alsof ik nooit anders gedaan heb. 


Gelukkig zorgen we onderweg voor rustige aanmeer plekken waar je rustig de kant op kan struikelen in spagaat. Vervolgens moeten de honden dan ook nog de sprong wagen en ook dat gaat niet altijd even soepel. Maar eenmaal aan wal mèt zeebenen ben ik weer helemaal het vrouwtje. Op naar het terras. Nu lijkt het alsof ik liever niet vaar, maar dat is niet helemaal waar. Ik ging vroeger al met mijn pake en beppe op avontuur door de Friese wateren en ik vond het geweldig. De herinneringen aan die bootvakanties zijn heerlijk. De hele dag op het water, sluizen, klompjes aan een hengel en aanmeren in gezellige dorpjes. Dit doen wij nu in het klein. Heul klein. De laatste keer gingen we dan ook vol frisse moed varen, in een polyester gebakje met bloedhete zitplekken. Mijn meegebrachte badlakens liggen overal en zijn na de eerste boeggolven zeikenat. Niet erg, het is warm en met je kont in een plasje water zitten heeft iets verkoelends. We meren halverwege best soepel aan en lunchen in een dorpje. Terug ben ik natuurlijk zeer ervaren en lig decadent op de natte handdoeken te zonnen. Hondjes vinden het ook leuk. 


Maar de dag kon natuurlijk niet zonder slag of stoot voorbij gaan. We konden heerlijk luxe voor de camper instappen en dus ook weer uitstappen. Maar wanneer we het hoekje omvaren zien we dat de camperplek inmiddels bomvol is, waar we vanochtend nog geen buren hadden hebben we er nu wel zeven. Iedereen zit heerlijk voor de camper en hebben door ons even wat te zien, zo met uitzicht op de haven. Ro en ik mompelen al tegen elkaar dat we alle zeilen bijgaan zetten om een stoere en zelfverzekerde aantocht te gaan verzorgen. Het begint al met de dot gas vóóruit. De steiger komt te snel dichtbij en ik strek mijn armen om ons een botsing te besparen. De enigszins gecontroleerde knal waarmee de boot tegen de steiger vaart geeft wat reaktie vanuit het publiek. Ik ga door met waar ik mee bezig ben, ga vooral niet terug kijken. Touwtjes pakken, ringen zoeken. En hups! Cody springt uit de boot. Dat was niet de bedoeling, hij blinkt niet uit in sociaal doen en gaat vervolgens ook als een hond in stress heen en weer lopen voor een flinke rij campers. Ro is inmiddels aan wal gestapt om de boel in goede banen te leiden, lees: tassen en honden van boord, plus het geruststellen van Cody. Wat hem trouwens nooit goed afgaat en dat ligt niet aan hem. Net als ik aan wal stap om het over te nemen schiet Cody bij de Duitse buren in de camper en er ook meteen weer uit. Klinkt overkomelijk, ware het niet dat er een (dure) hordeur voor de opening zat. Een groot gat in het gaas staart ons aan. Nee hè?! Hebben wij weer. Ro verontschuldigt zich in het duits en zegt dat hij er zo aan komt, eerst de boot terug brengen. Hij laat mij achter met alle kijkers op ons gericht. Ik gooi al onze spullen in de camper en duik eerst op een stoeltje naast de camper. Met een glas drinken voor m’n gezicht. In stilte. We weten in elk geval dat de hordeur op ons wensenlijstje niet handig is en bovendien hierdoor ook al betaald is. Dagje varen, was weer een avontuur.