In mijn hoofd (3)

Tja, het gaat best goed eigenlijk. De bijwerkingen van het 'afkicken' waren na een week ineens verdwenen. Weet wel dat ik gehalveerd heb en nog steeds iets binnen krijg. Dat maakt het lastig. Ik wil wel sneller. Nieuwsgierig naar mezelf. Tegelijkertijd ben ik me bewust van alle angstscheutjes in m'n lichaam.

Een ochtend die na het opstaan iets minder rustig voelt dan normaal wordt onder de loep genomen. Had ik dit een half jaar geleden ook wel eens? Wat kan de reden zijn? Toch overheerst het gevoel van willen en kunnen. Ik blijf er op dit punt bij dat ik mezelf niet voor kan stellen als angstig en gestrest. Dat voelt echt als een eeuw geleden. Gesprekken leveren een beeld van mezelf op door de ogen van anderen. Waarom juist ik dit moet kunnen. Ik lijk een sterke vrouw. Doelgericht en een doorzetter. Dit komt herhaaldelijk terug en ik luister ernaar alsof het niet over mezelf gaat. Door hoe ik ben geweest en wat ik heb gevoeld, heb ik mezelf altijd in de schaduw gehouden. Een sterke vrouw zijn is iets wat hoorde bij mijn vorige herstel. Een soort alter ego. Dat moest ik gewoon kunnen. Alles moest ik aangaan. Doordat ik dit opschrijf realiseer ik me weer dat ik nog steeds in de veronderstelling ben dat het me overkomen is allemaal. Niet door mezelf, maar door die pil. En daar baal ik van. Ik moet nu toch echt zelf gaan geloven dat ik dat ben. Met een duwtje mezelf weer heb terug gevonden en nu gereset ben naar m'n eigen zelf. En dit inzicht komt voornamelijk door erover te praten. Mijn grootste winst tot nu toe.
Transparant zijn.

Na elk gesprek denk ik; dit ga jij doen. Dit kan jij. En voel ik me goed. Dus het gaat niet zonder slag of stoot maar is een proces wat zich voornamelijk in mijn hoofd afspeelt. En ik weet dat dat erbij hoort.

Hallo!(2)


Een update van mijn afbouw. Kan me voorstellen dat er mensen zijn die het proces interessant vinden om te volgen. Ook voor zichzelf. Er zijn zoveel mensen die medicatie gebruiken. Dat zal je nog verbazen. Maar goed.

Vandaag bijna een week aan het halveren. Nou, nou. Halverwege de dag is dat ding al aan het afbouwen en begin ik de afkickverschijnselen te voelen. Dizzy, tintelingen in vingers en voeten. Concentratieverlies en druk. Veel
Praten. En dat kon ik sowieso al goed. Snel ook. Pffff, word moe van mezelf. Maar zoals altijd verdraag ik lichamelijke ongemakken als de beste. Van m'n moeder geërfd. However. De angst voor terugval is groot. Als ik eraan denk word ik heel onzeker en lichtelijk gespannen. Het voordeel is dat ik me niet kan voorstellen dat ik op retour ga. Ik vind dat ik ben wie ik nu ben. Dat is zo gek. Hoezo ga ik ineens veranderen, ik ben dit toch? Gewoon relaxed en tevreden? Wat of wie kan daar verandering in brengen. Duh! Onmogelijk! Kssssst!

Maar goed, angst kan zo nu en dan de overhand krijgen. Dan geloof ik niet in mezelf. Alleen in die ellendige pil. Dat is het grootste verschil met vorige week. Je begint ergens aan en kan niet in de toekomst kijken. Verder voel ik me prima eigenlijk. Niets veranderd. Al hebben een aantal collega's er veel plezier in om mij in ontspannen situaties te wijzen op de pillen. 'Ka, neem jij maar weer een pil want…..' En ik vind dat fijn. Heerlijk transparant. Zoals ik ben.

Een ‘like’ please?


Je kent het vast. Er komt iemand langs, op visite of gewoon iets brengen en je hebt het geluk dat je weet wanneer. (Ik ben niet zo van onverwacht.) Op de één of andere manier slaat er dan een gen van mij op hol. M'n huis ziet er niet uit. En dat is een overstatement, lees: Overstatement. Want ik was er zelf tevreden mee. Maar als er mensen over de vloer komen valt er niets meer binnen het toelaatbare. M'n hele leven lijd ik al aan deze 'aandoening' en ik word er soms zo moe van. Waarom? Waarom moet ik op de voorpagina van VT wonen kunnen staan met m'n huis. Waarom moet alles perfect. Alsof ik binnen deze vier muren elke dag met een potje thee, een tijdschrift en kaarsje aan op de bank zit te ontladen. Met op de salontafel de nieuwste Flow. Dat ook nog.

Het is niet zo. De werkelijkheid is dat er overal wat ligt, dat iedereen z'n spullen van zich af laat vallen bij de eerste stappen in huis. Dat ik altijd wel vlekjes op de wc zie die weggepoetst moeten worden. Een aanrecht vol afwas omdat de vaatwasser nog leeg moet. Onopgevouwen was omdat ik snel, snel een paar wasjes draai op een moment dat ik weinig tijd heb. Kattedrolletjes in de kattenbak, oud papier wat ligt te wachten om naar de schuur gebracht te worden. En katten met plukken haar van de hond in de snorharen omdat ik de transfer van winter naar zomervacht niet bij kan benen.

En toch! Toch werk ik dit in No-time weg als er iemand langs komt. Zo snel kan ik nooit, maar dan ben ik niet te stoppen.

Zeg alsjeblieft dat je het herkend? Het zal me goed doen.

Ik ga het doen….(1)


Vandaag ging ik naar de dokter. Ik wil een hoofdstuk in m'n leven proberen af te sluiten. En eerlijk, ik vind het doodeng.

Het lijkt een eeuw geleden. Het moment dat ik de straat ging vermijden en mezelf opsloot. Het is in werkelijkheid een decennia. Tenminste, toen besloot ik dat het genoeg was. Daar gingen jaren aan vooraf die op dit moment zeer ver van mijn dagelijkse werkelijkheid afstaan. Ik kan me met moeite voorstellen hoe ik heb geleefd. Hoe ver ik het heb laten komen. Angst regeerde.

Maar nu. Ben ik werkelijk een ander persoon? Of anders gezegd, mezelf. Is alle angst verdwenen of is het verstopt. Weggedrukt door de dagelijkse medicatie die ik slik. Nog steeds elke dag. Ik moet bekennen dat ik daar niet zeker van ben. Het is de enige angst die is blijven bestaan. Mijn hele bestaan van de afgelopen jaren heb ik opgebouwd in de wetenschap dat een pil mijn leven veranderde. Daar heb ik me aan vast gehouden. Waarschijnlijk onterecht. Maar toch. Ik mocht die pil ook blijven gebruiken, m'n leven lang, zolang als ik hem nodig had. Nu is daar een onzichtbare lijn. Wie ben ik zonder die pil? Ik weet nog zo goed wie ik was.

Ik die bij alle veranderingen in haar dagelijkse leven een paniekaanval kreeg. Nachten lang rechtop in bed zat tot het licht werd. Dan kon ik rustig slapen. Het is dag. Je moet niet meer slapen, je mag. Een wereld van verschil. Alle deuren die achter je sluiten, letterlijk, zijn angstig. Wordt de deur op slot gedaan of kan ik erweer uit. Elke seconde van de dag is angstig en onveilig. Er heerst een gevoel van stress wat nooit weggaat. Behalve als je slaapt. En het half uur daarna, nog rozig van het slapen. Dan begin je weer opnieuw. Een nieuwe dag. Zenuwen in je buik. Gaat vandaag een beetje rustig voorbij? Om in elk geval te voorkomen dat angst overgaat in paniek blijf je binnen. Alles onder controle. Zoals ik het wil. Rust. De dag dat ik niet meer kon eten van de stress, die stress die er gewoon is, die bij je leven hoort, besloot ik dat ik niet meer kon. Of ik gooi mezelf van de wereld of ik zoek een andere uitweg. Het werd die pil.

En daar ging ik. Vleugels. Niet te stoppen. Grenzeloos. En dat is vandaag nog zo.

Morgen begin ik met afbouwen. Ik ben bang. Bang voor mezelf. Praat tegen mezelf. Dat ik nooit meer word zoals ik was. Dat ik achter die pil gegroeid ben en in staat m'n geluk voort te zetten. Maar wat kost het me een moeite om het te geloven. Die angst bleef. En is er nog. Maar ik ga het aan. Wil heel graag. Dat moet toch voldoende zijn? Vasthouden aan wat ik heb opgebouwd en wie ik nu ben. Heb vertrouwen Kaatje, in jezelf. Pls!

Mijn mama deel 4 (slot)


Een eeuwigheid. Die twee weken. Ontzettend veel medeleven in de omgeving. Je hoort jezelf telkens hetzelfde riedeltje opdreunen. Maar dan is daar de dag van de uitslag. Ik en mijn vader vol goede moed en mijn moeder intens bang, zitten te wachten in de wachtkamer die we nu van binnen en buiten kennen op de mammacare. We krijgen de uitslag. Alles goed!!!! Wat een ontzettend fijn gevoel is dat zeg. Geen uitzaaiingen!!!! Nu op naar herstel!! Over een paar weken beginnen de bestralingen. Even ademhalen. 

Op dit moment is het Moederdag! Vandaag. Ook heeft mijn moeder afgelopen week haar laatste bestralingen gehad. Het was best zwaar. De plek die bestraalt wordt krijgt veel te verduren en ook bij mijn moeder is er sprake van lichte verbranding. Maar ze is positief over de lichamelijke ongemakken. Zoals ik haar ken. Pijn krijgt haar niet klein. Geestelijk is er meer aan de hand. Logisch. Dat duurt nog een tijd. Het vertrouwen in je lichaam is weg. Foetsie. Nog nooit heeft het je zo in de steek gelaten. Is het echt wel weg? Komt het echt wel goed? Maar ook dat weet ze. Dat het erbij hoort. En ze geniet van de kleine dingen. Wandelen en buiten zijn. Zon! We zijn er nog lang niet. Maar ik weet dat ze het gaat doen. Dit kan ze. Samen met ons. We genieten extra omdat het einde zo dichtbij was. En op deze Moederdag ben ik extra dankbaar dat ze er is. Gewoon er is zoals altijd. Mijn mama. Ik hou van je. 

Mijn mama deel 3


Daar sta je dan. Het is weekend en dus twee hele dagen om aan het idee te wennen. In de schriftelijke uitslag zitten we in stadium 5. Het is al duidelijk dat het kwaadaardig en dus borstkanker is. 

De huisarts zet alles in een stroomversnelling en dinsdag zitten we in het ziekenhuis. M’n moeder als een trillend vogeltje, m’n vader in een stiltemodus en ik, ik probeer rustig te blijven. Kopje koffie, koetjes kalfjes. Wachtend op de arts die ons alles uit gaat leggen. Een stukje vaste grond terug gaat geven misschien. 

Wat een fijne vrouw, wat mooi ook dat je het voor elkaar krijgt om grote zorgen iets lichter te maken. Het was kort en krachtig. Het traject wordt snel genoemd, over twee weken volgt de operatie al. Voor ons voelt dat nog lang. Achteraf worden deze weken volgepropt met onderzoeken en afspraken. Echo, hartfilmpje, bloed prikken, anestistgesprek, opnamegesprek, neuroloog, pre-operatieve gesprekken met chirurg en verpleegkundige en nog veel meer. We reizen op en neer en inderdaad; we, ik ga met alle afspraken mee. M’n ouders vinden het fijn en dan vind ik dat ook. 

Na alle onderzoeken en afspraken volgen veel uitslagen. De belangrijkste krijgen we pas na de operatie. Hoe groot, welk karakter heeft het en belangrijk, zijn er uitzaaiingen. Tussendoor vieren we de miniuitslagen van echo’s en aanprikmomenten. Op de grote dag van de operatie zijn we er allemaal. In de hele dag waarop je al voor dag en dauw aanwezig bent is er veel loze tijd voor en na de operatie. Zus en ik vullen die met veel koffie en minislaapjes in de auto. Paps zit op de stoel naast mams voor en na de operatie. Een zware dag op verschillende fronten. Toch komt aan deze dag een eind. Een mooi moment is de totale ontspannen moeder na de fikse narcose. Dat hebben we al een paar weken niet gezien. Kalmte. 

Nu gaan we weer twee lange weken wachten op de belangrijke uitslag. En ook belangrijk, wat gebeurd hierna. Het blijft nog een tijdje spannend voor we daar achter zijn. 

Mijn mama Deel 2


Wat ontstaan er veel mijlpaaltjes als je het proces naar genezing begint. Ieder stapje naar herstel is er één voor in de boeken. De gebakjes in het ziekenhuisrestaurant vliegen de deur uit. In ons geval hebben we veel plusjes te vieren. 

De grootste vraag vanaf het eerste moment is, zijn er uitzaaiingen! Dat is de grootste angst, ergste vijand. Het staat hoop in de weg. En waar twee weken voorbij vliegt als je op vakantie bent, als je wacht op dit nieuws duurt het zo lang. 

Toch gaat het eigenlijk best snel allemaal. 

Die bus, die ervoor zorgt dat je vanaf je 50st jaar om de paar jaar gecontroleerd wordt op borstkanker is toch een lifesaver. In mijn moeder haar geval zat het zo diep, dat ook de proffesionals moeite hadden met lokaliseren. In die bus krijg je een onaangename mammografie waarbij alles wat niet in je borst hoort zichtbaar wordt. 


Ook werken ze met verschillende stadia waarin de tumor zich bevind. Zo krijg je bij de uitslag meteen een prognose van de ernst. En die uitslag komt gewoon schriftelijk in je brievenbus. 

Die enveloppen liggen wonderlijk genoeg zorgeloos op de deurmat. Zowel bij het baarmoederhalsonderzoek als het borstonderzoek ga je er toch lichtelijk vanuit dat het goed nieuws is. Je hebt vaak geen klachten en het is routine. Tuurlijk is er een ‘wat nou als….’ maar die druk je gauw weer weg. De envelop verhuist met de krant, de folders en de overige post naar de keukentafel. Kijken we straks even naar, eerst de pannen op het vuur. En zo ging het bij mijn moeder ook ongeveer. 

Ze waren net een paar dagen weg geweest, de post werd verzameld. De envelop werd herkend maar nog niet open gemaakt. Dat doen we later. Het antwoordapparaat wordt aangedrukt en ondertussen ook het koffiezetapparaat. En dan hoor je de stem van de dokter. Een paar dagen geleden ingesproken. Of je kontakt op wilt nemen als je dit hoort. M’n vader z’n ogen gaan meteen naar de stapel post. Het was z’n eerste gedachte. Hij roept m’n moeder en zegt dat het waarschijnlijk nodig is om de envelop van het borstonderzoek open te maken. Ook mijn moeder wordt ineens onrustig. En inderdaad, hun wereld stortte op dat moment in en het was vrijdagmiddag. Niets wat je nu kan doen. 

Mijn mama Deel 1


De tijd die ik niet op m’n blog kon zijn is ook meteen bewogen geweest. Alles zit weer in de lift, maar toch. 

Begin maart vertelde mijn moeder mij dat ze kanker heeft. De grond zakt onder je vandaan. Zo voelt dat inderdaad. Je knieën worden week, je hart versnelt en je krijgt een zenuwknoop in je maag. Ik weet nu hoe ik zou reageren als ik dat nieuws krijg. De schrik duurde nog geen halve minuut, toen begon er een krachtig gevoel op te komen. ‘Dit gaat ons niet klein krijgen’. Daar hoefde ik niets voor te doen, dat gevoel ontstond automatisch. Ik hoorde mezelf tegen mijn moeder zeggen dat dit niet het einde van de wereld is. Dat we dit gaan winnen, gaan vechten. Mijn moeder daarin tegen was al bezig met doodgaan. Dat is het hele proces zo gebleven weet ik achteraf. Binnen een dag was er een rollenverdeling waarin ik de optimist en aanreiker van hoopgevend nieuws werd, m’n vader de praktisch regelaar en m’n zus de gevoelsverwant. Met andere woorden, die had ook moeite met positief blijven en was samen met m’n moeder intens verdrietig. Het had ook niet anders gehoeven, het was goed zo. Klaar om met z’n allen de strijd aan te gaan. En waar er een gevoel ontstaat dat mijn moeder zwijgzaam tussen bovenstaande zinnen doorleeft, dat was ook zo. Het was voor haar meer een geestelijke strijd dan een lichamelijke. Ik ken mijn moeder ook als een lichamelijk sterke vrouw. Die pijn ondergaat ze moeiteloos. Geestelijk kan er helaas minder op het bordje. Dit was teveel. En dat mocht ook. 

Het is zo bijzonder om mee te maken hoe je dit als gezin beleefd. Wat ieder z’n manier is van verwerken, aangaan en hopen. Ik heb mezelf vooral verbaast. Ik wist dat er een kracht vrijkomt als het nodig is, maar het bewijs weer geleverd zien worden is apart. Je hoeft daar niets voor te doen. Het geeft me rust. Wat er ook gebeurd, er zal altijd genoeg power zijn om op te functioneren. Niet alleen voor mij, voor ons allemaal. 

Deze serie vertel ik het proces van de afgelopen tijd. In de wetenschap dat het op dit moment met m’n moeder heel goed gaat. Het zware traject komt ten einde. Tijd om het op te schrijven. 

Jaaroverzicht 2016


Nog geen jaaroverzicht, samenvatting of opinie over 2016 te bekennen op m’n blog. Elk jaar kijk ik trouw terug op een jaar waarin altijd voldoende is gebeurd. Ook nu. Maar de energie die ik elk jaar voel om samen te vatten, vast te leggen is ver te zoeken. Toch hoort het erbij. Vind ik. Voor mezelf. Voor later, en ik hou denk beeldig m’n wijs en middelvingers naast m’n oren en signeer een komma in de lucht. Want later. Ik ben tegelijkertijd iemand van de dag en hou niet van opschorten. Leef vandaag, doe vandaag en zeg vandaag. Maar goed, waarvoor anders, zo’n jaaroverzicht op je blog. Voor later, klaar. Dus ik begin in de ruimte te staren en laat het jaar in gedachten voorbij gaan. 

Hoogtepunten. 
Aan het begin van het jaar stonden we nog met de handen in het haar dochter gade te slaan. Een diagnose waar we van schrokken ookal waren de vermoedens daar. Waar gaat dit heen en komt dit ooit goed? 365 dagen kunnen veel overbruggen. We hebben sprongen gemaakt, samen en zij ook alleen. Trots, dat ze het kan, al hebben we nog een lange weg te gaan. Het is te behappen en vreet niet meer al onze energie. Wat een plus. 

Ro groeide in z’n werk als bierbrouwer en had zo nu en dan een duwtje nodig om te geloven dat hij echt goed is in wat hij doet. Hij gelooft pas iets als het zover is en volgens hem is hij er nog lang niet. De tussenstappen vallen hem niet op en ik vertel het hem graag. Hij is gedreven en gemotiveerd, in alles trouwens. En dat waardeer ik in hem. Aan die eigenschappen had hij niets toen hij noodgedwongen moest stoppen met het laatste restje Veuger-imperium. Hij zegt niet graag wat hij voelt maar voelde zich genoodzaakt te delen dat hij er als een berg tegen op zag. Dat kun je niet voor je houden, het is te groot. Maar het ergste is inmiddels achter de rug en we gaan heel snel wennen aan de nieuw verworven vrijheid. Dat weet ik zeker. 

Ik zelf kreeg afgelopen jaar goed nieuws op goed nieuws op m’n werk. Mijn contract groeide en daarmee ook mijn verantwoordelijkheden en kennis. Nog steeds zo’n fijne baan. Met geen tien paarden krijgen ze mij daar weg. Ik wil daar blijven en vooralsnog lijkt dat te lukken. Ik begon vorig jaar ook weer te roken na vijf jaar en stopte de eerste week van dit jaar. Het was even leuk, ik heb gek genoeg ook geen spijt, het is alleen zo’n gedoe om erweer af te blijven. Want zo zie ik het, je moet er gewoon afblijven, niet meer en niet minder. Het was een recalcitrante actie van me, even afzetten tegen iets. En nu is het weer klaar. 
We gaan een jaar tegemoet waarin we ons huis gaan kopen, een nieuwe camper gaan kopen en wat verbouwingen aangaan om nog aangenamer te leven dan we nu al doen. 

Vorig jaar was ik gelukkig en dit jaar ga ik met een gelukkig gevoel in. Het is eigenlijk geen spannend voer voor een jaaroverzicht. Maar toch, ik heb er heel anders voor gestaan. Ik ben blij. Blij dat ik nu eens niet heel diep moet om samen te vatten. Gewoon even m’n ogen laten dwalen en clichématig m’n zegeningen opschrijven. Bij deze. 

Tags: jaaroverzicht , 2016, samenvatting,

Categorieën: Kaatjesding

Ik ben even nergens


We rijden terug van een onvergetelijke vakantie. Een geweldig land met gastvrije inwoners. Elke dag doen waar je zin in hebt en veel indrukken opdoen. Maar dan is daar het moment dat je weer naar huis gaat. En net zoals de heenreis veel met me doet, is de terugreis altijd nog erger. Ik ben een denker. Zit op de bijrijdersstoel en heb alle tijd. Op de heenreis bedenk ik of ik iets vergeten ben, wie ik ga missen, wat we allemaal gaan zien, hoe ver dat afstaat van het dagelijkse leven. Op de terugreis komt er weemoed. Ook vanwege het feit dat we vaak in de avond/nacht reizen met de muziek op tien. Dat versterkt je gevoel. Weemoed naar dat wat er letterlijk achter ons ligt. Vóór ons het vertrouwde, thuis. En met dat thuis is altijd iets. Ik verzin in m’n vakantie veel nieuwe uitdagingen, ieder jaar weer. Dit jaar waren ze voor de vakantie al bekend. De vakantie is letterlijk een break tussen veel veranderingen. En ik word er lichtelijk zenuwachtig van als ik eraan denk. Nu rijden we nog. Nu is het nog even voor ons.

Morgen stop ik met roken. Morgen halen we onze nieuwe vriend, Cody. Eenmaal thuis leveren we onze camper in en gaan we de komende maanden op zoek naar een andere. Eenmaal thuis gaan we naar de bank om de hypotheek te tekenen zodat we ons huisje kunnen kopen en her en der verbouwen. M’n nieuwe IPhone ligt op het postkantoor en ik kan maandag weer naar m’n geliefde werk. Zoveel!!! Alles is leuk of een uitdaging, maar ik ben toch wat weemoedig terwijl ik in het donker naar buiten staar in de camper. Allemaal nieuwe dingen. Ik rij er nu nog tussenin. Niets is wat het is of was.

De vakantie is voorbij en het leven thuis gaat weer beginnen. Maar op dit moment ben ik nog even nergens.