Met covid in de shit!

Laatst kwam ik terug op mijn leven met een angststoornis. Het is net als met een verslaving. Je komt er nooit vanaf. Je leert ermee omgaan. En de sleutel tot succes is acceptatie. Dat klinkt makkelijk, maar dat is wel een stap naar herstel. Angst voedt zich namelijk met angst. Hierdoor heeft het kans te groeien en steeds groter te worden. Er kan steeds meer bij komen en voor je het weet ga je vermijden. Uit de weg gaan waar je angstig van wordt.

Hoe dat gaat heb ik in meerdere blogs verteld. Ik wil uitleggen wat voor effect dat vandaag de dag op mij heeft. De angst ligt namelijk altijd op de loer. Omdat je nu eenmaal graag wil dat het weg blijft. Niet zo hevig terug komt als eerder. Laat ik eens over corona beginnen. Uiteindelijk hebben we het daar de laatste jaren niet genoeg over gehad. Maar ik kan er niet omheen dat het een ‘gevaarlijke’ periode voor mij was. In het begin had ik het niet door. Veel thuis moeten blijven, mensen vermijden, geen uitjes en als je al ergens heen moest, was het kort en krachtig. Als je de laatste zin nog eens opnieuw leest zie je het probleem. De ingrediënten voor agrofobie. Oftewel straatvrees. Ik vond het dus in eerste instantie een comfortabele periode. Tot het moment dat het iets te comfortabel werd. Thuis, werk, school. Dat was het. Meer smaken waren er niet. Toen Ro op een bepaald moment een uitstapje opperde voelde ik een zenuwscheut in m’n buik. Huh?! Herkenbaar! Nee!!! Nog niet meteen op volle kracht op de rem, maar ik begon het te signaleren. Nog een paar keer. Dit mocht niet gebeuren.

Gelukkig heb ik inmiddels de handvatten om mezelf aan te pakken. Dus bij het signaleren moet ik zo verstandig zijn om mezelf bloot te stellen aan mijn angsten. Exposure noemen we dat in vaktermen. Het is niets anders dan je angsten onder ogen komen. Ze letterlijk aan te gaan. En dan ook nog jezelf overtuigen van het feit dat er echt niets gaat gebeuren. Dat is mij ooit gelukt door te accepteren wat er kon gebeuren. In mijn geval vertrouwde ik mijn lichaam niet. Mijn benen niet. Bang dat ik midden op straat een paniekaanval zou krijgen en door m’n benen zou zakken. Door te accepteren dat ik dan maar een paniekaanval krijg en horizontaal op straat lig, werd die angst minder. Het werd immers niet gevoed door angst. En je brein is een wonderlijk iets, dat kan gaan wennen aan die acceptatie. Het angstalarm gaat steeds minder werken. En in een verder stadium gaat het zelfs bijna helemaal niet meer aan. Je geeft er geen reden meer voor en je angstcentrum wordt gereset. Vervang bovenstaande angst voor een spinnenfobie en je weet dat de oplossing vaak exposure is. Net zolang tot ze in je buurt mogen komen. Het resetten van je brein dus. Ik zeg altijd, als je het zelf hebt ontwikkeld, kun je er ook weer vanaf komen. Het is niet aangeboren.

Maar even weer terug. Tijdens de coronaperiode betrapte ik mezelf op vermijdingsdrang. En dat wilde ik uiteraard niet laten gebeuren. Tegenwoordig kan ik met een paar stappen mezelf weer genoeg zelfvertrouwen geven om verder te kunnen. Dit uiteraard met die dosis medicatie die ik nog steeds slik. Die laat de angst niet zo extreem binnenkomen en hij trekt vaak niet door. Dus ook dit keer had ik mezelf snel genoeg weer op de rit. Bij mij gaat het voornamelijk over verre afstanden van m’n huis. Of camper kan ook. Als ik die basis verlaat kan ik me met de kilometer onveiliger voelen. Hierdoor is het voor jou misschien voor te stellen dat een fikse boswandeling of een middagje stad voor mij exposure is. In de blogs tijdens vakanties zie je vaak staan dat Karin weer eens aan het shoppen is. Veel van deze momenten gaan niet helemaal vanzelf, maar ik ga ze niet uit de weg. Omdat ik shoppen leuk vindt werkt mijn beloningssysteem in het brein ook nog eens mee met de exposure.

Voor het algemene plaatje kan ik je zeggen dat ik het grootste deel van mijn tijd angstloos door kom. En al helemaal na bijvoorbeeld een vakantie, waar ik veel doe en onderneem. Daar groeit mijn zelfvertrouwen. En ik ben er heus niet (meer) dagelijks mee bezig. Er gaan dagen voorbij, weken, dat ik gewoon mijn leven leef. Ik vind echt dat ik ‘genezen’ ben. Dat kost heel veel tijd, veel energie, doorzettingsvermogen en wilskracht (…een pilletje). Maar uiteindelijk is het het allemaal waard.

Mocht deze blog vragen oproepen, of heb jezelf iets waar je mee rond loopt. Je mag altijd dm’en. Bellen doe ik niet aan….ik haat bellen. Maar dat terzijde. Tot de volgende blog!

Was het maar zo makkelijk (9)

Doordat iemand vroeg naar mijn proces van straatvrees, dook ik in het hoofdstuk The story of my life. Na blog nummer acht stopt het verhaal. Maar weet je, het stopte niet daar. En voor de volledigheid maak ik het af. Ik denk dat ik het een positief einde wilde geven, teleurgesteld in mijzelf? Zoiets. Maar nu zie ik dat anders.

Nadat ik euforisch was over een maand zonder medicatie bleek ik wel degelijk gevoelig voor zenuwen. Ik gaf mijzelf niet de ruimte om dit gevoel zijn gang te laten gaan. Bang voor een terugval. Het leven wat ik niet meer wilde. Ik maakte voor het eerst in mijn leven een afspraak met een psycholoog. Ik kreeg cognitieve gedragstherapie en waar ik dacht alles te weten, ook vanuit mijn werk, kreeg ik wel wat inzichten. Een simpele lijst op een bord met angsten die ik voel, werden met procenten afgevinkt op werkelijke ervaringen of bang voor deze ervaringen. Er bleef procentueel niet zoveel over, eigenlijk was mijn angst voor veel dingen groter dan de werkelijke aanvallen van paniek. Na een paar sessies werd ik wat wijzer maar bleef op een niveau hangen waar ik niet tevreden mee was. Zenuwen, vaak. Geen paniek, maar voor mijn gevoel was dit een kwestie van tijd. Eigenlijk kun je zeggen dat ik bang was voor terugval. Samen met de psycholoog besloot ik de laagste (opbouw-) dosering van de medicatie te gebruiken om de scherpe randjes weg te halen. Eigenlijk meteen voelde ik me beter. Tot vandaag de dag heb ik niet overal een antwoord op. Want dat beetje medicatie gebruik ik nog steeds. Als ervaringsdeskundige wil ik het graag analyseren. Eigenlijk ben ik bang dat bij iedereen die medicatie krijgt tegen angst en depressie een gedeelte van je hersenen over laat nemen door een chemisch stofje. Het lichaamseigen mechanisme wat gebouwd is om aan het werk te gaan als je bijvoorbeeld een spin ziet die je eng vindt, wordt stil gelegd. In veel gevallen jaren lang. Als je het dan weer op eigen kracht moet doen, zonder medicatie, moet je dat gedeelte weer helemaal opnieuw trainen. Een soort revalidatie. En in mijn opinie kost dat minimaal een jaar. Heb maar eens de kracht en power om daar doorheen te breken als je je ellendig voelt. Maar zo zie ik het achteraf. Op het moment dat ik een pil nam zat ik alweer in een irrationele fase. Angst nam langzaam weer de overhand. De andere kant van het verhaal is dat ik bang ben dat ik teveel vertrouw op dat pilletje, dat ik door onzekerheid de angst weer aan het ontwikkelen was. Alsof je me een placebo had kunnen geven. Misschien had ik het af kunnen maken als ik mezelf niet gek had laten maken door die gedachte. Maar dat weet ik dus niet. Wat ik wel weet is dat er alles voorover heb om angstloos te leven. En als dat betekend dat ik een pilletje moet nemen om de scherpe randjes van een angststoornis onder controle te houden, prima. Ik beschouw mijzelf als genezen. Met een pilletje per dag. Ik doe alles, ga niets uit de weg. Er zijn heus momenten dat het opkomt, maar daar zal ik hierna nog een blog aan wijden. Voor nu ben ik een werkende vrouw in de psychiatrie, student HBO verpleegkunde, oma van twee kleinkinderen, gelukkig met mijn mannetje en dus blij met het leven. Dat is dus echt anders geweest. Dat nooit weer.

UPdate met de nadruk op UP!(8)

Misschien zijn jullie er inmiddels wel klaar mee. Die updates. Maarre, je hoeft niet te lezen uiteraard. Het is nou eenmaal een projectje.

Maar goed nieuws. Na mijn ‘inzinking’ heb ik mezelf herpakt, werk weer en doe m’n ding. Zonder shit in m’n lijf. De afgelopen week sloop er wel eens een ongemakkelijk gevoel naar binnen maar ksssst! Weg ermee. Laat me met rust. Op m’n werk voel ik mezelf heel erg oké. Het helpt wel de toestanden van anderen. Leidt zo lekker af van jezelf. Èn! Ik hoor mezelf praten met clienten en hun heel veel positieve energie geven waardoor ik denk, dat moet je zelf dan ook doen hè? Het mes snijdt voor mij aan heel veel kanten op het moment. Het is echt een kwestie van geduld, up’s en down’s, vallen en opstaan, slikken en weer doorgaan etc. Ik begin te geloven dat het voor mij wel eens goed uit kan pakken. Ik schrijf dit ook omdat er velen zijn, ook die ik gesproken heb, waarbij het niet lukt af te bouwen. Er is dus werkelijk een heel lastig stukje, ook bij verslavingen, waarbij je grote kans hebt op terugval. Dat stukje is zwaar! Ik zag het ook niet meer. Waar doe ik het voor. Voor dit miserabele gevoel? Maar echt, het wordt beter. Het voelt lichter. Wordt overzichtelijk. En het helpt om het in perspectief te blijven zien. Het leven ruikt sws niet elke dag naar citroentjes. Maak het niet mooier dan het is.

Maar hè, ik ben er nog niet maar het komt goed. Ik ben gewoon weer een beetje blij. Misschien date ik nu wat minder up. Geen bericht is goed bericht. En julliebedankt voor het lezen en reageren. Dat helpt echt in het proces. Voor iedereen denk ik. Heb ik ook wat van geleerd.

*Owh ja, ik ben nu een maand clean!

Het gaat niet zo goed!(7)

Tja, ook de mindere momenten delen hè? Geeft wel een compleet beeld.

Vorige week naar de Stones. Ik heb daar toch wel wat ongezonde spanning voor opgebouwd. Gaat het zonder medicatie goed komen met mij? Ik ben dit soort evenementen uit de weg gegaan toen ik nog geen medi nam. Of ik het nu wilde of niet, het zat in m’n hoofd. De angst voor de angst. Gatver! Daar baalde ik van.

De Stones zelf ging hartstikke goed, dat is dan inderdaad vaak de uitkomst. Daar waar je tegen op ziet valt reuze mee. Dus bij het opkomen van de Stones begon ik spontaan te huilen, waarschijnlijk kwam de spanning eruit. Na deze succeservaring was ik dan ook superblij. Het gaat goed komen met mij.

De volgende dag had ik nog een volle agenda met etentje en ook daar zag ik weinig beren op de weg. Ergens in die avond kwam er wel iets ongemakkelijks omhoog maar alles onder controle.

Maar die nacht ging het mis. Het overviel me. Ongekende spanning in m’n lijf en ik kreeg het niet weg. De hele nacht lag ik wakker en werd meteen weer wakker als ik in slaap dommelde. Ik zal je de details besparen maar dat ik fris en fruitig om half zes naast m’n bed zou staan om te werken was uitgesloten. Ik stuurde een berichtje om me af te melden en liet de rest van de nacht aan me voorbij sluipen onder een deken van spanning en zenuwen. Ook nam ik in een vlaag van wanhoop een pil, die ik altijd nam. Helpt voor geen meter als je er één neemt, maar ik ging weer beginnen. Ik wist het zeker. Ik was verslagen. En dan word je wakker in grote onzekerheid en het gevoel van falen.

Ik kreeg die dag veel steun in de vorm van berichtjes en belletjes. Veel begrip. Het liet maar weer eens zien dat het in jezelf blijven opkroppen nergens toe leidt. Dit voelde goed. Adviezen, oppeppers, je hebt er echt wat aan. Ik belde m’n huisarts en die zei nog eens met nadruk dat die ene capsule geen bal zou doen. Ik zei ook dat ik dat best wist maar weer wilde beginnen. Hij zei meteen dat ik dat beter niet kon doen. Deze fase moet ik door. Deze is zwaar. Hier vallen de mensen terug. Het komt even dubbel en dwars zo hard binnen allemaal. Ook werd ik er door velen aan herinnerd dat ik er ‘nog’ maar twee weken af ben. Wat had ik dan gedacht? Je denkt er veel te makkelijk over. Je dacht dit wel even te doen. Neem de tijd. Doe rustig aan. Ga niet alles aan omdat je vindt dat het zo hoort. Het perfecte plaatje. ‘Jongens dit is mijn afbouwverhaal en het leest heerlijk weg. Geen probleem gezien!’

Tja, ik besloot diezelfde dag om toch door te zetten. Medi kan altijd nog. Het houdt in dat ik de dagen met iets meer onzekerheid doorkom. Mezelf soms toe moet spreken. Maar ook alles gelaten over me heen laten komen. Iets meer stress en zenuwen in m’n lijf maar geen vermijding. En dat is ook een dingetje hoor. Ik ben zo bang voor vermijding dat ik niets uit de weg ga. Dat gebeurde de afgelopen twee weken. Ik denk dat ik daarin teveel van mezelf gevraagd heb ook. De afgelopen dagen ging ik gewoon m’n dagen vullen met normale zaken. Even boodschappen doen, flinke ronde met de honden en een ritje verderop om iets te regelen. Alles met een ontspannen lijf. Daar moet ik het nu even mee doen. Alles opnieuw opbouwen zonder medicatie. Niets gaat vanzelf.

Was ik gestopt als ik alles van te voren had geweten? Waarschijnlijk wel. Je moet het voelen en ondergaan om er iets van te vinden. Ik had mezelf sowieso als uitzondering gezien. Bij mij gaat dat goed komen, ik wil zo graag. En nog steeds. Het is troep. M’n lijf is nog steeds aan het afbouwen. Zuisjes in m’n hoofd, vlagen van misselijkheid. Het wordt minder. Dat wel. Het liefst leef ik dus zonder dat spul. Maar zoals ik eerder zei, niet ten koste van alles. Ik sluit niets uit.

Voor nu ga ik door. Leef m’n dagen. Het kan beter, maar ook slechter. Het gevoel van succes in de toekomst overheerst nog steeds.

Tot de volgende update!

Komt een vrouw bij de dokter (5)

Er is weer veel veranderd. Vorige week ging ik naar de dokter om het proces door te spreken. Als je zelf in de psychiatrie werkt en met een huisarts spreekt merk je het verschil in benadering. Ik heb het over vechten en angsten, hij reageert met medicatie. Gesprekken over de achterliggende problemen zijn waarschijnlijk voor de psycholoog.

Maar goed, zijn advies is om toch over te gaan op een pil om de dag, desnoods cold turkey en meteen stoppen. Voor de bijkomende angstaanvallen die misschien kunnen ontstaan krijg ik dan oxazepam. Ik zeg meteen dat ik geen pammetjes in m’n lijf wil. Dat zou een zeer slechte en verslavende vervanger zijn. Begrijp me niet verkeerd, voor veel zijn de pammetjes in alle soorten en maten een uitkomst, niet voor mij. Ik wil het niet. Ik besluit naar mezelf te luisteren en m’n eigen tempo te gaan bepalen. Dat betekend, de tijd nemen. Mijn lichaam en geest de tijd geven om te wennen aan de ‘nieuwe’ situatie. Met mezelf in gesprek blijven en luisteren naar de signalen. En het werkt.

Ik begin mezelf een leuk experiment te vinden. Waar doe ik het goed op en wat niet. Inmiddels neem ik om de dag een pil en heb op het werk dus medicatieloze dagen. Dat zeg ik bij aanvang van m’n dienst en mijn collega’s passen zich moeiteloos aan. Ze hebben dan te maken met een chaoot zonder concentratie en een tikkeltje onhandig. Gelukkig kan ik nog steeds heel goed luisteren en kletsen met de clienten op die dagen. Ik voel me daar gewoon goed. Ik hou van m’n werk.

Hoe grappig een onhandige Ka ook is, ik ontdekte nog iets. Ik begin een emotionele muts te worden. Alles komt meer binnen en ik maakte sinds jaren weer eens een echte huilbui mee. Er was wel degelijk een aanleiding maar ik weet zeker dat ik dit een tijd terug makkelijker had weggezet. Daar zat ik, in m’n eentje m’n tranen weg te vegen tot er een glimlach verscheen. Ik vond het fijn. Hoe onprettig de aanleiding ook was. Toen ik gisteren ook nog eens met een brok in m’n keel zat toen een client in tranen tegenover me zat wist ik het zeker. Dit gaat vaker gebeuren. Ga maar vast zakdoekjes kopen Ka! En weet je. Ik voel me er goed bij.

De medicatieloze dagen beginnen te wennen en mijn gevoel is niet beangstigend. Eerder bevrijdend. Neemt niet weg dat ik nog steeds onzeker ben over mijn zelfcontrole, maar ik hoef niet altijd een grote meid te zijn. Ik mag dingen ook best spannend vinden. Dus….

Eerst een paar weken op vakantie. Voornemens om daar toch even door te pakken met de afbouw, maar luisterend naar mezelf. Gaat het te snel, dan de rem erop. Dus dat! Best oké toch?

Tot over een tijdje.

In mijn hoofd (3)

Tja, het gaat best goed eigenlijk. De bijwerkingen van het 'afkicken' waren na een week ineens verdwenen. Weet wel dat ik gehalveerd heb en nog steeds iets binnen krijg. Dat maakt het lastig. Ik wil wel sneller. Nieuwsgierig naar mezelf. Tegelijkertijd ben ik me bewust van alle angstscheutjes in m'n lichaam.

Een ochtend die na het opstaan iets minder rustig voelt dan normaal wordt onder de loep genomen. Had ik dit een half jaar geleden ook wel eens? Wat kan de reden zijn? Toch overheerst het gevoel van willen en kunnen. Ik blijf er op dit punt bij dat ik mezelf niet voor kan stellen als angstig en gestrest. Dat voelt echt als een eeuw geleden. Gesprekken leveren een beeld van mezelf op door de ogen van anderen. Waarom juist ik dit moet kunnen. Ik lijk een sterke vrouw. Doelgericht en een doorzetter. Dit komt herhaaldelijk terug en ik luister ernaar alsof het niet over mezelf gaat. Door hoe ik ben geweest en wat ik heb gevoeld, heb ik mezelf altijd in de schaduw gehouden. Een sterke vrouw zijn is iets wat hoorde bij mijn vorige herstel. Een soort alter ego. Dat moest ik gewoon kunnen. Alles moest ik aangaan. Doordat ik dit opschrijf realiseer ik me weer dat ik nog steeds in de veronderstelling ben dat het me overkomen is allemaal. Niet door mezelf, maar door die pil. En daar baal ik van. Ik moet nu toch echt zelf gaan geloven dat ik dat ben. Met een duwtje mezelf weer heb terug gevonden en nu gereset ben naar m'n eigen zelf. En dit inzicht komt voornamelijk door erover te praten. Mijn grootste winst tot nu toe.
Transparant zijn.

Na elk gesprek denk ik; dit ga jij doen. Dit kan jij. En voel ik me goed. Dus het gaat niet zonder slag of stoot maar is een proces wat zich voornamelijk in mijn hoofd afspeelt. En ik weet dat dat erbij hoort.

Hallo!(2)


Een update van mijn afbouw. Kan me voorstellen dat er mensen zijn die het proces interessant vinden om te volgen. Ook voor zichzelf. Er zijn zoveel mensen die medicatie gebruiken. Dat zal je nog verbazen. Maar goed.

Vandaag bijna een week aan het halveren. Nou, nou. Halverwege de dag is dat ding al aan het afbouwen en begin ik de afkickverschijnselen te voelen. Dizzy, tintelingen in vingers en voeten. Concentratieverlies en druk. Veel
Praten. En dat kon ik sowieso al goed. Snel ook. Pffff, word moe van mezelf. Maar zoals altijd verdraag ik lichamelijke ongemakken als de beste. Van m'n moeder geërfd. However. De angst voor terugval is groot. Als ik eraan denk word ik heel onzeker en lichtelijk gespannen. Het voordeel is dat ik me niet kan voorstellen dat ik op retour ga. Ik vind dat ik ben wie ik nu ben. Dat is zo gek. Hoezo ga ik ineens veranderen, ik ben dit toch? Gewoon relaxed en tevreden? Wat of wie kan daar verandering in brengen. Duh! Onmogelijk! Kssssst!

Maar goed, angst kan zo nu en dan de overhand krijgen. Dan geloof ik niet in mezelf. Alleen in die ellendige pil. Dat is het grootste verschil met vorige week. Je begint ergens aan en kan niet in de toekomst kijken. Verder voel ik me prima eigenlijk. Niets veranderd. Al hebben een aantal collega's er veel plezier in om mij in ontspannen situaties te wijzen op de pillen. 'Ka, neem jij maar weer een pil want…..' En ik vind dat fijn. Heerlijk transparant. Zoals ik ben.

Ik ga het doen….(1)


Vandaag ging ik naar de dokter. Ik wil een hoofdstuk in m'n leven proberen af te sluiten. En eerlijk, ik vind het doodeng.

Het lijkt een eeuw geleden. Het moment dat ik de straat ging vermijden en mezelf opsloot. Het is in werkelijkheid een decennia. Tenminste, toen besloot ik dat het genoeg was. Daar gingen jaren aan vooraf die op dit moment zeer ver van mijn dagelijkse werkelijkheid afstaan. Ik kan me met moeite voorstellen hoe ik heb geleefd. Hoe ver ik het heb laten komen. Angst regeerde.

Maar nu. Ben ik werkelijk een ander persoon? Of anders gezegd, mezelf. Is alle angst verdwenen of is het verstopt. Weggedrukt door de dagelijkse medicatie die ik slik. Nog steeds elke dag. Ik moet bekennen dat ik daar niet zeker van ben. Het is de enige angst die is blijven bestaan. Mijn hele bestaan van de afgelopen jaren heb ik opgebouwd in de wetenschap dat een pil mijn leven veranderde. Daar heb ik me aan vast gehouden. Waarschijnlijk onterecht. Maar toch. Ik mocht die pil ook blijven gebruiken, m'n leven lang, zolang als ik hem nodig had. Nu is daar een onzichtbare lijn. Wie ben ik zonder die pil? Ik weet nog zo goed wie ik was.

Ik die bij alle veranderingen in haar dagelijkse leven een paniekaanval kreeg. Nachten lang rechtop in bed zat tot het licht werd. Dan kon ik rustig slapen. Het is dag. Je moet niet meer slapen, je mag. Een wereld van verschil. Alle deuren die achter je sluiten, letterlijk, zijn angstig. Wordt de deur op slot gedaan of kan ik erweer uit. Elke seconde van de dag is angstig en onveilig. Er heerst een gevoel van stress wat nooit weggaat. Behalve als je slaapt. En het half uur daarna, nog rozig van het slapen. Dan begin je weer opnieuw. Een nieuwe dag. Zenuwen in je buik. Gaat vandaag een beetje rustig voorbij? Om in elk geval te voorkomen dat angst overgaat in paniek blijf je binnen. Alles onder controle. Zoals ik het wil. Rust. De dag dat ik niet meer kon eten van de stress, die stress die er gewoon is, die bij je leven hoort, besloot ik dat ik niet meer kon. Of ik gooi mezelf van de wereld of ik zoek een andere uitweg. Het werd die pil.

En daar ging ik. Vleugels. Niet te stoppen. Grenzeloos. En dat is vandaag nog zo.

Morgen begin ik met afbouwen. Ik ben bang. Bang voor mezelf. Praat tegen mezelf. Dat ik nooit meer word zoals ik was. Dat ik achter die pil gegroeid ben en in staat m'n geluk voort te zetten. Maar wat kost het me een moeite om het te geloven. Die angst bleef. En is er nog. Maar ik ga het aan. Wil heel graag. Dat moet toch voldoende zijn? Vasthouden aan wat ik heb opgebouwd en wie ik nu ben. Heb vertrouwen Kaatje, in jezelf. Pls!

The story of my life #5 De straat als vijand

  
De afgelopen dagen sprak ik door omstandigheden met meerdere mensen over mijn leven achter gesloten deuren, jaren geleden. Deuren die ik zelf gesloten hield, voor de duidelijkheid. Het lijkt zo lang geleden. 2007 was het toppunt. Het keerpunt. Nu moet er iets gebeuren anders gooi ik mezelf van de wereld. 

Op deze blog staan een paar verhalen waarin ik het één en ander uitleg. Er is nogal veel verloren gegaan toen mijn vorige site gehackt werd. Mijn hele wereld die ik toen beschreef in een aantal jaren. Ik vind het nog steeds ontzettend jammer. Weg! Maar goed. 

Onder deze Klik vind je de dag dat mijn leven zich binnen vier muren ging afspelen. Hiervoor was ik al niet supersterk meer, maar die nacht was als een granaat. Daar was ineens een enorme krater waar ik niet meer uit kwam. 

De jaren die volgden waren bijzonder. Achteraf. Ik bouwde een wereld om me heen waarin iedereen me hielp. Ik liet geen situaties toe die spanning opriepen. Ik kon manipuleren en mijn wereld in stand houden. Een wereld met angst als fundering. Mijn omgeving pastte zich aan en zorgde ervoor dat ik zo kon blijven leven. Klein, minimalistisch en schijnveilig. Ik kan het nu omschrijven als egoïsme. Alles draaide om mij. Iets anders wilde ik ook niet, de gedachte alleen al maakte me bang. Er waren dagen met weinig angst. Angst die je kan omschrijven als een zenuwachtig gevoel in je buik. Een gevoel wat kan exploderen tot een paniekaanval waarin m’n lichaam niet meer rustig kan blijven. Het laatste gelukkig niet dagelijks. Misschien wekelijks, maar elke dag, vooral nacht, de angst dat die explosie er aan komt. Daarbij een angst voor medicatie. Medicijnen die iets met je lichaam en geest doen, eng! Nee, er tegen vechten deed ik clean. Met m’n eigen verstand. Helaas was dat verstand niet erg rationeel meer. Niet iets wat mij hielp er bovenop te komen maar meer om het proberen onder controle te krijgen, leefbaar te houden. Ik had mijn wereld iets groter gemaakt en had de auto als veilige basis gebombardeerd. Dat hield in dat ik weg kon en binnen 50 stappen wat boodschappen of een terrasje kon doen. Dat deed ik bijna drie jaar. Toen ik er midden in zat vond ik het niet zo’n probleem. Om zo te leven. Ik wilde er wel graag vanaf, maar het leek onoverkomelijk en het liep wel aardig. Drie jaar dus. Met dat gevoel. 

Er gebeurde iets. Na die paar jaar. Er zit een angstknopje in m’n hoofd. Dat ging nog wel eens uit, maar ineens bleef het branden. Het angstige gevoel had geen pauzes meer. Ik kwam niet meer tot rust. De trap van de bovenwoning naar beneden werd weer een blokkade. Dit wilde ik niet meer. Dan hoeft het van mij helemaal niet meer. Ik belde de huisarts. Medicatie was zijn antwoord. ‘Nee!’ was mijn antwoord. Toch moest ik de realiteit onder ogen zien. Ik kon het zelf niet. Het zou alleen maar erger worden. Met grote tegenzin accepteerde ik dat een pilletje per dag m’n angst zou wegnemen. En het gebeurde! 

Twee weken lang zag ik m’n slaapkamer draaien en had ik een emmer naast m’n bed. Als ik in de spiegel keek herkende ik mezelf niet meer, grote pupillen en wit gezicht. Maar op de een of andere manier geloofde ik dat het beter zou worden. Ik had vertrouwen. En dat was de sleutel tot succes. Vertrouwen. In mezelf. Zelfvertrouwen. 

Vanaf dat moment heb ik m’n best gedaan om m’n wereld weer groter te maken. Steeds vaker stelde ik me bloot aan m’n angsten. Ging ik ze niet uit de weg. Kleine stapjes omhoog zonder weer naar beneden te vallen. M’n zelfvertrouwen en het vertrouwen in m’n lichaam groeide met de maanden. Ik kreeg er een euforisch gevoel voor terug, geweldig. Het duurde nog minstens twee jaar voor ik van genezing durfde te spreken. Het was nog steeds een gewoonte van me om de situaties die ik jaren uit de weg ging beangstigend te vinden. Maar ik vocht er tegen. Ik trainde m’n hersenen om gelaten te reageren op veel situaties. Het werd langzaam een gewoonte om zonder angst te leven. Het begon in te klinken. 

Vandaag de dag vind ik het bijzonder om terug te kijken op een gedeelte in m’n leven wat ik maar moeilijk kan bevatten. Ik vind het zo apart om de dieptepunten terug te halen en me te realiseren dat ik het was die dat doormaakte. Wat een respect voor m’n omgeving en naasten. Je kunt jezelf helemaal kapot maken. Maar je kunt jezelf ook weer beter maken. Daar vind ik mezelf het levende bewijs van. Nooit meer! Nooit weer terug naar het verlies van controle over m’n leven. Waar angst regeert heeft leven geen kans. Gelukkig is dat verleden tijd. 

*Klik hier voor info over agorafobie